Auteursarchief: CoachBert62

De rit naar huis

Dit keer geen lang verhaal, beelden zeggen vaak veel meer. Gisteren zapte ik langs het programma Atlas, het wetenschapsprogramma van de NPO. Dit keer aandacht voor sportouders, over winnen en over leren. In de VS is 70% van de kinderen gestopt met sport vóórdat ze naar highschool gaan. In ons land zal dat niet veel anders zijn.Tijdens dit item. werd een schokkend filmpje getoond, over een vader en zijn zoontje na het sporten.

Voor wie wil zien wat er in menig auto na de training, de wedstrijd besproken wordt:
https://www.youtube.com/watch?v=-0e8zvvY-x8

Ongewenst gedrag

Na de uitzending van Boos over de seksuele intimidatie dat over jaren plaats kon vinden bij het programma The Voice, leek de beerput open te gaan. Ook de technisch directeur van Ajax had zich van zijn minst goede kant laten zien. Ook de voorzitter van de Politiebond maar ook een 2e kamerlid van Volt volgde. Of het allemaal over hetzelfde gedrag ging waag ik te betwijfelen. De overeenkomst is wel dat het ging over grensoverschrijdend gedrag en de relatie met macht.

Wanneer is gedrag grensoverschrijdend? Eigenlijk is dat niet heel ingewikkeld, als de ander het als ongewenst ervaart is het ongewenst. Nu komt daar nog wel wat bij. De ander moet wel aangeven dat het ongewenst is en daar wringt niet zelden de schoen, want stel je nu voor dat de ander jouw baas is, of de directeur. Tijdens mijn opleiding tot verpleegkundige heb ik onderzoek gedaan naar het functioneren van leerling verpleegkundige binnen, gehospitaliseerde, vastgeroeste teams. Binnen het team werkte collegae al erg lang met elkaar samen, kwamen bij elkaar over de vloer, gingen samen op vakantie. Besluiten werden overal genomen maar niet in bijvoorbeeld het werkoverleg. Het gevolg was dat professioneel aanspreken op, bijvoorbeeld de kwaliteit van zorg, waar je echt vragen over kon stellen, erg moeilijk was. De conclusie was dat de leerling verpleegkundige uiteindelijk er voor kiest om zich aan te passen, om niets meer te zeggen en soms zelfs mee te doen binnen de groepscultuur. Als je afhankelijk bent van het oordeel van de ander, omdat je baan of je opleiding ervan afhangt, ben je sneller geneigd om er maar niets van te zeggen of het probleem bij jezelf te zoeken.

Je zou verwachten dat mensen in zo’n positie zorgvuldig met hun ondergeschikten, met mensen die van hen afhankelijk zijn om zouden gaan. In de praktijk blijkt dit nogal eens tegen te vallen. Op een of andere manier vergeten wij regelmatig dat hij het hebben van macht ook verantwoordelijkheden horen. Ik heb mij wel eens afgevraagd of macht mensen ook veranderd. Ik denk het eerlijk gezegd wel. Het is die ivorentoren die, vermoed ik, maakt dat je ergens het zicht op de werkelijkheid kwijt raakt.

Het blijkt moeilijk om ongewenst gedrag bespreekbaar te maken. Het is al moeilijk om het bespreekbaar te maken bij degene om wie het gaat. Het lijkt moeilijk om dit met interne vertrouwenspersonen te bespreken. Zo heeft Ajax een interne vertrouwenspersoon, maar kennelijk zijn daar geen signalen binnen gekomen of in ieder geval te laat.

Naast interne vertrouwenspersonen zouden er ook externe vertrouwenspersonen moeten zijn. Toch worden ook zij vaak direct betaald door het bedrijf, de instelling. Zonder te twijfelen aan de integriteit van deze functionarissen, zou je vragen kunnen zetten bij de mate waarin zijn ten alle tijde onafhankelijkheid kunnen opereren.

Binnen de gezondheidszorg werken, verspreid over het land ongeveer vijfenvijftig pvp’en (Patiënten Vertrouwenspersonen) op locatie in instellingen en ziekenhuizen. Omdat de pvp in dienst is van de Stichting PVP, blijft hij onafhankelijk van de instelling waar hij werkt. De ondersteuning door een pvp is altijd gratis. ik zou mij kunnen voorstellen dat een dergelijke constructie ook binnen andere sectoren zou kunnen werken. Ook sportbonden, of vanuit NOC-NSF zou een netwerk van externe vertrouwenspersonen opgezet kunnen worden.

Om ongewenst gedrag bespreekbaar te maken, te voorkomen, is het denk ik, belangrijk dat er een open sfeer bestaat, dat ongewenst gedrag bespreekbaar is en daarmee bedoel ik niet op het niveau van de kleedkamerhumor. Dit zou de eerste ring zijn. Mocht dit niet mogelijk zijn of erg lastig, dan bestaat de tweede ring uit interne vertrouwenspersonen. Draag er zorg voor dat slachtoffers altijd een keuze hebben. Als de club naast heren en jongensteam, ook meisjes en damesteams kent, is het wat vreemd om alleen een mannelijke vertrouwenspersoon te hebben. Tot slot de derde ring, bestaande uit regionaal werkende externe vertrouwenspersonen, welke functioneren vanuit een sportbond dan wel het NOC-NSF.

Vroeg rijp, vroeg rot

Er is zo’n aanname dat alles wat goed is snel komt. Wij kennen echter ook dat gezegde van vroeg rijp, vroeg rot. Zijn wij in staat om al op hele jonge leeftijd te voorspellen welke kinderen op latere leeftijd gaan uitblinken? Er zijn veel kinderen die al heel jong het label ‘talent’ kregen die het bij nader inzien niet bleken te zijn.

Absoluut er zijn ook kinderen die al jong in beeld waren, talentvol bleken te zijn en op jonge leeftijd tot grote prestaties kwamen. Bjorn Borg was daar een voorbeeld van, ook Simone Biles is een sporter die op jonge leeftijd op wereldniveau presteerde. Ook mag in dit rijtje Bukayo Saka in dit rijtje niet ontbreken. Deze 19 jarige jongen stond in de finale van het EK en zou als laatste in de strafschoppen serie een strafschop nemen. Hij zou het voetbal terug naar huis brengen. Hij faalde en daarna viel een halve natie over hem heen. Tijdens de Olympische Spelen trok Biles zich op enkele onderdelen terug. Zij kon het niet meer aan. In de aanloop naar de Spelen was duidelijk geworden dat de zijn sexueel misbruik was door de ploegarts. Biles vroeg tijdens de Spelen ook aandacht voor de mentale druk die op jonge sporters gelegd wordt. Iets soort gelijks, speelde ook in de Nederlandse Turnwereld. Hier was, voor zover ik weet, geen sprake van sexueel misbruik maar bleken meerdere turnsters jaren lang geestelijk mishandeld, vernederd te zijn. Waar Biles tijdens een rechtzitting eerder deze week aangaf dat de FBI een oogje dicht had geknepen was het in ons land de bond zelf die, laten we zeggen, een oogje dicht hadden geknepen. Niet dat hier ook sprake was van seksueel misbruik, het ging in ons land meer om machtsmisbruik, om grensoverschrijdende trainingsmethodes. De bond zou hier al jaren van de op hoogte zijn geweest, maar niet hebben ingegrepen. Alles voor het resultaat. Uiteindelijk zette de bond een aantal trainers, hangende een onderzoek, op non actief. Iets wat kort voor de Olympische Spelen tot de nodige onrust leidde.

Inmiddels zijn de Spelen al weer lang achter de rug en moest ik, heel bijzonder, terug denken aan de marathon. De zilveren medaille van Nederland bij de mannen en hoe deze atleet zijn goede vriend, een Belg, stimuleerde om in de laatste kilometers het uiterste uit zich zelf te halen. Het plezier dat hij uitstraalde was voor mij het voorbeeld van de Olympische gedachte. Nog meer moest ik echter denken aan die belgische atlete die zich tijdens haar allereerste marathon plaatste voor de Spelen. Een vrouw die pas op latere leeftijd ging hardlopen en die in Japan pas haar tweede marathon ooit liep. Zij had nog geen idee hoe je nu zo’n marathon indeeld en toen zijn zag dat ze nog maar vijf kilometer behoefde te lopen dat ze dat is van huis naar de supermarkt , dat ga ik wel redden.

Wat mij al langere tijd enorm bezighoudt is de vraag of wij kinderen niet gewoon hun sport terug moeten geven. Gaat het niet heel simpel om bewegen en plezier in plaats van die focus op resultaat, op het vroeg labelen, in hokjes stoppen van kinderen. Is die ratrace met kinderen niet gewoon iets soort gelijks als een wapenwegloop? Iemand anders begint, jij bent bang dat je achter gaat lopen dus doe je mee, sterker je gaat net een stapje verder. De ander denkt, wat gebeurd mij nu en gaat weer een stapje verder, waarop jij je dan weer genoodzaakt ziet om op te reageren. Is het niet gewoon heel vreemd om onze volwassen normen en waarden op de jeugdsport te plakken?

In een recente column deed Thijs Zonneveld een oproep tot ‘een mentaliteitsverandering in de hele samenleving’. Een wat populitisch pleidooi volgde:

Het is een bizarre paradox. Aan de ene kant zijn we obsessief bezig met gezondheid, met IC-cijfers en met de besmettingsgraad. We kieperen miljarden en miljarden in de gezondheidszorg. 

Dit statement werd gevolgd door een oproep om meer aandacht en vooral geld te investeren in de sport. Iets waar je het nog mee eens kon zijn ook, alleen kwam daarna de dubbele bodem te voorschijn.

We pretenderen een land te zijn met een sportcultuur, maar dat is vooral omdat we ons blindstaren op de toptien van het landenklassement op de Olympische Spelen. Meejuichen met successen, dat kunnen we goed. Maar we stellen zelden de vraag hoe al die sporters op dat niveau zijn gekomen en hoe we ervoor kunnen zorgen dat er in de toekomst ook sporters doorbreken. Bij veel sportbonden lopen de ledenaantallen, zeker onder jongeren, al jaren gestaag achteruit. De vijver wordt kleiner en kleiner, maar we zien het niet omdat we te druk zijn met onszelf te bewonderen in de medaillespiegel.  

Het aantal leden van sportbonden loopt inderdaad achteruit, maar misschien komt dit wel omdat sportclubs, bonden misschien wel te veel met die prijzen, die medailles kijken en vergeten dat niet sport een eerste levensbehoefte is maar spel en bewegen. Willen wij werken aan onze gezondheid, de ziekenhuisopnames naar beneden brengen, zitten wij niet te wachten om een grotere vijver en nog meer Olympische medailles, dan moeten wij aandacht besteden aan bewegen, aan het spel en in het verlengde aan het plezier. Wij moeten alles namelijk ook nog eens een levenlang volhouden.

 In beweging blijven - RIVM Corona Gedragsunit

De Bubbel

Ik heb mij de afgelopen weken wat verbaasd. De voetbaldames, bij monde van de KNVB waren van mening dat zij te weinig bewegingsvrijheid hadden. Ze hadden niet het idee dat ze deelname aan de Olympische Spelen. De sporters die wellicht iets meer dat idee hadden, zij die in het Olympisch dorp verbleven, klaagde ook. Het ging daar niet zo zeer om de omstandigheden van de deelnemende sporters, maar meer om de omstandigheden van die sporters die positief hadden getest op Corona. Zij diende in quarantaine in een speciaal daarvoor ingericht hotel. Het was zuur voor al die sporters dat ze niet mee konden doen. Zij hadden daar jaren voor getraind en na twee keer knipperen met de ogen was het voorbij. Het hotel was natuurlijk ook mensonterend, zo zagen de sporters geen direct daglicht.

Natuurlijk was het moeilijk, vervelend en inderdaad het ontbreken van daglicht is niet humaan. Het eerste dat ik mij wel afvroeg was of ze ook door hadden dat wij te maken hebben met een pandemie en dat nu net het land waar de spelen werden gehouden daar nu niet bepaald een sluitende oplossing voor gevonden had. Zouden ze weten, vroeg ik mij af, dat in de stad waar de Spelen werden georganiseerd, een noodtoestand gold?

The Games must go on

Het IOC wilde van geen wijken weten, ‘the Games must go on’. IOC voorzitter Bach roemde vooraf al de organisatie, het zouden andermaal de beste Spelen ooit worden. Ik vond het bijzonder dat de voorzitter van World Health Organization, Tedros Adhanom Ghebreyesus op een congres van het IOC bij aanvang van de Spelen in Japan letterlijk zei dat deze pandemie een test is en dat de wereld faalt voor die test.


“Wie denkt dat de pandemie over is, leeft in een vals paradijs.”

Ondertussen weten wij dat grote delen van de wereld bevolking niet gevaccineerd is tegen het virus. Weten wij ook dat zelfs al ben je volledig gevaccineerd je weliswaar minder ziek wordt, maar je het virus wel bij je kan dragen en dús ook anderen kan besmetten. Dat Japan, waar de vaccinatiegraad onder de bevolking schrikbarend laag is, dus voor al die sporters en begeleiders erg strenge regels heeft gesteld, is dus erg logisch. Het zou wat zijn als onze sporters, maar vooral ook hun reisleiders, dit ook zouden begrijpen. Ik vrees echter dat dit wat te veel gevraagd is, want in de aanloop van de Spelen, kregen juist deze sporters voorrang bij de vaccinatie. Zij waren ruim eerder gevaccineerd dan de ouderen en kwetsbaren in onze samenleving, want ja, je zou maar eens ziek worden.


Concentratie

Waar ik misschien nog wel meer mee zat, of wat ik mij zat af te vragen was de vraag of al die sporters nu beter zouden gaan spelen door al die aandacht voor de omstandigheden. Die sporters in dat quarantaine hotel kwamen niet meer aan sporten toe. Zelfs een frisse neus was een probleem. Voor de sporters die nog wel konden sporten was die afleiding natuurlijk wel een probleem. Al eerder schreef ik over flow en over de concentratiecirkels. Sporters presteren het best als ze optimaal gefocused zijn, als er geen afleiding is. Ze presteren optimaal als ze alleen maar bezig zijn met hun taak. Een taak waar ze echt jaren op getraind hebben. Die ze onder de perfecte omstandigheden ook perfect kunnen uitvoeren. De tennisers leken te leiden onder die Corona problematiek. Het wegvallen van een teamgenoot was voor Bertens en haar dubbelspel partner een dingentje. Het mocht er in de persconferentie na hun uitschakeling ook niet overgaan. Kennelijk was er afgesproken dat er niet over gesproken mocht worden. Had dit nu vooraf afgesproken, dacht ik, dan was het nu minder een probleem geweest, zat ik mij te bedenken. Wij speelde ooit zelf een wedstrijd in Zwolle. Het was enorm druk op het sportcomplex. Wij moesten de warming up doen met nog een stuk of vijf andere elftallen om een veld dat nog kleiner was dan een Cruyffcourt. Wij, als begeleiding waren furieus. Ik ben nog met de scheidsrechter in gesprek gegaan om te bekijken of onze wedstrijd niet een half uur uitgesteld kon worden. Alle moeite voor niets. Het netto resultaat was dat het voor de wedstrijd niet meer ging over het voetbal. Het ging uitsluitend over de omstandigheden. Het resultaat na afloop laat zich raden.

De roeiers deden het beter. Konden zij zich beter afsluiten, focussen op hun taak, namelijk het zo hard mogelijk roeien? Bij de roeiers bracht zelfs een misslag hen amper in de problemen. Oké toegegeven het was bij de roeiers de coach die positief testte, maar toch, wat deed deze coach anders? De roeicoach zal ook zeker gebaald hebben en ook de roeiers die jaren met hem getraind hadden, met hem opgetrokken hadden, zullen het vast en zeker ingewikkeld hebben gevonden. De roeicoach zou, als wij het mogen geloven, gezegd hebben dat zijn roeiers er klaar voor waren, het zelf prima konden uitvoeren zonder hem. Daarmee moest ik, toch weer, terugdenken aan Marc Lammers en zijn ervaringen met de Nederlandse Hockeydames. Lammers was een coach die zeer sturend coachte, als ik het mag geloven. Hij was ook de trainer die zijn speelsters wat wilde leren. Kon een speelster is niet of, laat ik mij het nederlands team zeggen, minder goed beheerste dan moest daar aan gewerkt worden. Legendarisch is het verhaal over Sylvia Karres, een van de beste spitsen die ons land ooit heeft gekend. Karres had echter een probleem, zij had moeite met haar backhand. Daar ging Lammers mee aan de slag, daar werd keihard op getraind en omdat iemand iets pas echt beheerst als hij of zij het ook in een wedstrijd kon toepassen diende Karres ook in de wedstrijden op backhand aangespeeld worden, iets waar zij, als wij het mogen geloven, erg veel moeite mee had. De gehele teamtactiek draaide zo’n beetje om het verbeteren van de backhand van Karres. Dit had gevolgen voor het spel en laten we er niet om heen draaien, dat was niet best.

Loslaten

De speelsters wisten het ook niet meer, kwamen er niet uit en op dat moment had Lammers waarschijnlijk zijn Eureka moment, wat hij liet het aan de speelsters zelf. Waar ben je goed in, hoe wil jij het ’t liefst hebben. Hij maakte de speelsters eigenaar van hun eigen proces en dat werkte. De roeicoach deed, misschien noodgedwongen, hetzelfde. Doordat hij positief testte op Corona, moesten de roeiers het nu echt helemaal zelf doen. Geen coach die nog wat tips gaf, die met een goed bedoeld advies kwam. Nee ze moesten het nu zelf doen. De rest is geschiedenis.

Wij vinden ons zelf, als coach enorm belangrijk. Ik moet bekennen dat ik dat zelf ook vond. Ik had van training tot training, van wedstrijd tot wedstrijd uitgestippeld wat er moest gebeuren, hoe er getraind werd, hoe de wedstrijd gespeeld moest worden en ja net als Lammers liet ik ook doodleuk mijn spelers juist in de wedstrijd acties uitvoeren die ze niet goed beheerste. Ik moet er bij zeggen dat ik al snel er achter kwam dat dit niet altijd de juiste werkwijze was. Zo heb ik nog wel geworsteld met die jongens die rechtshandig waren maar het echt altijd het verkeerde aanloopritme liepen bij de aanval. Hierover heb ik destijds ook een ingezonde brief geschreven naar de toenmalige redactie van de Volley Techno. De huidige directeur van PSV, toen nog actief in het volleybal, Toon Gebrands schreef een reactie. Laat ik zeggen, een leermomentje. Wat ik bijzonder vond was dat hij mijn voorbeelden herkende. Sterker nog, in de Gouden ploeg van Atlanta speelde iemand die met hetzelfde probleem kampte. Lang verhaal kort, het advies was, controleer wat minder, geef meer ruimte.

Door de Coronamaatregelen werd alles anders. Wij kregen, zonder dat wij dat echt wilde, een andere samenleving. Trainingen gingen niet door en diende later in de nog steeds doorlopende crisis, anders vorm gegeven te worden. Waar het eerst ging om het beschermen van ouderen en kwetsbaren, weten wij inmiddels dat ook jongeren geraakt kunnen worden. Zwangeren, niet gevaccineerde vrouwen, lopen een net zo groot risico dan ouderen en kwetsbaren. Alles werd anders, wij kregen een testsamenleving, er ontstond een strijd tussen gevaccineerden en bewust niet gevaccineerden. Wedstrijden gingen niet door en daarna zonder publiek. Het ging er niet alleen om wie nu van wie gewonnen had, plots werd de opstelling medebepaald door een positieve of negatieve testuitslag. Het zou de moeite waard zijn om eens te onderzoek in hoeverre dit nu invloed gehad heeft op de resultaten.

Welkom in je eigen bubbel | BlueHealth Innovation Center

De druk van de natie

Afgelopen zondag speelde Engeland, in eigen huis, in een zo goed als vol stadium, de EK finale tegen Italië. Na 55 jaar kwam het voetbal weer thuis. Alles leek goed te gaan, al na ongeveer drie minuten scoorde de Engelsen en het duurde tot in de tweede helft eer de Italianen iets terug konden doen. Uiteindelijk liep het uit op een verlenging en ook daarin werd niet gescoord. De team waren aan elkaar gewaagd. Na de verlenging dus strafschoppen. Niet echt fijn, wel spannend. De Engelsen mistte in de slot minuten drie strafschoppen. Je zou kunnen zeggen slecht ingeschoten, je zou kunnen zeggen, prima keeper bij Italië. Het kan allemaal. Na afloop ging het alleen nog over de donkere spelers die de strafschoppen mistte. Het ging over de donkere jongens die de strafschoppen mistte. Spelers werden tot op het bot gediscrimineerd, onheus bejegend en dan druk ik mij zacht uit. Twitter ging volledig los. Ergens is dat toch ook de beerput van onze samenleving.

Op Twitter verscheen ook dit bericht:
This lad is 19 and carried the hope of a nation on his shoulders. When I was 19 I worked in Boots and giggled when I had to restock the Anusol. What an impressive young man

De Tweet, afkomstig van een bekende Britse, ging over Bykayo Saka. Saka, ,speler van Arsenal, was een van de jongens die een strafschop mistte. Ook Saka kreeg rechts extremistisch, rasistisch Engeland over zich heen. Medespelers, de bondscoach, de premier en ook de kroonprins steunde hem. Enorm goed natuurlijk! Waar ik ook wel mee zat was de vraag waarom je in hemelsnaam de hoop van een heel volk op de schouders van een negentienjarige kan leggen? Ik ben het volstrekt eens met de bekende Britse dame die schreef ‘What an impressive young man’. Ook ik vroeg mij af wat ik deed toen ik 19 was. Ik zat nog op school en was vrijwilliger bij het Apeldoorns Vakantiespel. Ik was de vos tijdens een vossenjacht, hielp kinderen bij het maken van een leuke tekening. Ik organiseerde een speurtocht voor kinderen die niet op vakantie konden en als ik tussen de lessen door vrij was, ging ik naar het strand. Ik had niet de last van een heel volk op mijn schouders. Op social media reacties dat we niet zo moesten zeuren, dat jochie was prof, was geselecteerd en moest daar maar gewoon staan. Daar kwam bij, hij werd er goed voor betaald en inderdaad zijn salaris staat in geen verhouding tot de 100 euro vrijwilligersvergoeding die ik voor mijn vakantiespel activiteiten kreeg. Ik vroeg mij af of dat salaris dan een regitimatie is voor de druk die je op de schouders van zo’n kind legt? Ik heb mij overigens altijd afgevraagd waarom de reserve keeper van Sparta meer verdiende dat een arts in het Erasmus. Het was een kwestie van marktwerking, kreeg ik dan te horen. Topspelers verdiende enorme salarissen omdat ze het ook opleveren. Dat zal ook vast de reden zijn waarom een volk ook zijn hele vertrouwen op de schouders van een negentienjarige legt, omdat wij ook met z’n allen zijn shirtje kopen, een seizoenskaart hebben van zijn club enzovoort. De boodschap was, het is gewoon een marktcomform salaris. Ik heb dat nooit begrepen, maar dat ligt echt aan mij.

Hoe kan het nu zijn dat de hoop van een heel volk op de schouders rust van een negentienjarige jongen?
Dat lijkt mij alleen mogelijk als je er veel en hard voor getraind heb. Ik heb geen idee op welke leeftijd Saka begonnen is, maar als je dan weet dat een club als Manchester City een selectieteam heeft voor kleuter jonger dan vijf jaar, dan krijg je wellicht enig idee waar ergens de weg richting de hoop van een volk ergens begint. Ik weet niet hoe het met u is, maar ik vind dat kleuters van 4 en 5 jaar nog lekker in de zandbak moeten kunnen spelen, zich moeten kunnen verstoppen. Als een dergelijke topclub al een selectie elftal met kleuters heeft dan kan je misschien nog een beetje begrijpen waarom ook Nederlandse clubs kinderen steeds jonger scouten, uit de eigen vertrrouwde omgeving weghalen. Al eerder schreef ik over een kind dat door Ajax helemaal uit Almelo werd gehaald. Een jeugdscout van Ajax zei ook een tijd geleden, ik citeer “Als wij niet doen, doet iemand anders dit!” Ouders zijn, trost op hun kind, niet zelden blij dat hun kind door een grote club gescout is. De documentaire Turn liet ons zien hoe ouders, in dit geval in de turmsport, ook gewoon een rol spelen in dit hele proces. Ook de vereniging waar het kind tot dat moment met vriendjes voetbalde is trots. Regelmatig kom je hele verhalen tegen op de websites van clubs waarin zijn ‘hun’ talent enorm veel succes toewensen bij willekeurig welke betaaldvoetbalclub.

In deze hele ratrace, waarin geld een enorme rol speelt, brengen wij kinderen op zeer jonge leeftijd bij elkaar en worden zij opgeleid, getraind, om ooit, op negentien jarige leeftijd de hoop van niet alleen hun eigen ouders, maar van een heel volk te zijn.

Wat deed jij toen je negentien was?

Geen fotobeschrijving beschikbaar.

%d bloggers liken dit: